- Vaargebied- Oosterschelde- Westerschelde- Veerse Meer- Grevelingen- Kanaal door Walcheren- Haringvliet
Print deze pagina

Westerschelde

 De Westerschelde is een van de drukste scheepvaart routes van Nederland.

 

Al het verkeer over water dat naar Antwerpen,

Terneuzen en verder gaat, komt over de Westerschelde.

Dit levert een mooi schouwspel op met de vele schepen en zeeschepen.

De open zee verbinding zorgt voor zout water en getijde stroming.  

 

Biologen en natuurkenners zijn er uiteraard van op de hoogte, maar velen zijn dikwijls verrast te horen wat er langs de Schelde aan natuur is overgebleven.

 

Vanuit ecologisch oogpunt is het Schelde-estuarium uniek: één van de laatste en meest natuurlijke van Europa.

Deze Frans-Belgisch-Nederlandse rivier is de hoedster van landschappelijke curiosa die nergens langs de Westeuropese kusten hun gelijke kennen.

De hoge dynamiek (het verschil in getijhoogte bedraagt tot 6m) en de overgang van zoet naar zout, inclusief een 60 km lang zoetwatergetijdengebied, en de hieraan gebonden fauna en flora, maken het Schelde-estuarium tot een uitzonderlijk systeem voor Europa.

Het overgrote deel van het estuarium is dan ook op één of andere wijze beschermd door de Habitat- en/of Vogelrichtlijn.

Het intense gebruik van het Schelde-estuarium bleef echter niet zonder gevolgen.

 

Het estuarium kreeg te kampen met ernstige verontreiniging, eutrofiëring en morfologische veranderingen.

Het stroomgebied van de Schelde, dit is het gebied rond de Schelde en haar zijrivieren samen, heeft een oppervlakte van 21.000 km.

Er wonen en werken een kleine 10 miljoen mensen in het stroomgebied.

 

Rond 1900 leefden er nog circa duizend zeehonden en honderden bruinvissen in de Westerschelde.

De populatie van de gewone zeehond kreeg het in de voorbije eeuwen nochtans hard te verduren door de jacht.

Zeehonden zijn viseters en ze werden door de overheid als concurrenten beschouwd. In 1961 werd de jacht verboden.

In de 20ste eeuw speelde vooral de vervuiling van het watermilieu hen parten.

Voor bruinvissen was het verdwijnen van de haring uit de Westerschelde een probleem.

Op dit ogenblik leven er ongeveer vijftig gewone zeehonden en enkele bruinvissen in de Westerschelde.

Grote aantallen zeehonden en bruinvissen krijgen we misschien nooit meer te zien, maar we kunnen de huidige bewoners van de Westerschelde wel een handje toesteken!

Door de kwaliteit van het Scheldewater te verbeteren en in speciale beschermingszones de verstoring door menselijke activiteiten (zoals recreatie) te beperken, krijgen de dieren al heel wat meer ademruimte.

 

Het verbeteren van de waterkwaliteit zal ook zorgen voor een aanvulling van het visbestand.

De Gewone zeehond kan op alle platen in de Westerschelde worden aangetroffen, maar heeft duidelijk een voorkeur voor locaties met een steile kant grenzend aan dieper water.

Hierdoor kunnen ze ingeval van onraad direct in het water verdwijnen.

De Platen van Valkenisse zijn veruit favoriet, maar ook aan de Zimmermangeul en op de Rug van Baarland zijn ze vaak te zien.

 

Natuurgebieden rond de Westerschelde zijn:

Rammekenshoek, Inlaag 2005, Verdronken land van Saeftinge, Zuidgors en Zwaakse Weel.  

 

Plaatsen aan de Westerschelde:

Vlissingen: Het Vlissingen van de 21e eeuw is een moderne stad met oude kern.

Op enige afstand van de stad bevindt zich het bedrijven- en havengebied Vlissingen-Terneuzen, na Rotterdam en Amsterdam de derde haven van Nederland.

Vlissingen telt 45.000 inwoners en vormt samen met de gemeente Middelburg het Stadsgewest Vlissingen/Middelburg met 90.000 inwoners, het stedelijk en economisch hart van Zeeland.

 

Vlissingen is een maritieme stad aan de monding van de Westerschelde en bij de toegang tot de Noordzee. Bij Vlissingen behoren ook de dorpen Oost-Souburg en Ritthem.

De stad dankt haar bekoring, haar opbouw, haar karakter en aantrekkingskracht aan de ligging aan zee.

Vlissingen is dan ook een levendige bad- en toeristenplaats met unieke boulevards en fraaie stranden.

De sfeer in Vlissingen wordt mede bepaald door de scheepsbeweging en de beloodsing op de rede vlak voor de boulevards, de bedrijvigheid in de havens, de aanwezigheid van scheepsbedrijven en de jachten in de Middeleeuwse Vissershaven.

 

Maar ook door het Arsenaal met zijn attracties, het overdekte winkelcentrum en het constante spel van wind, water en wolken ...

Dit alles drukt een zout stempel op Vlissingen.

De zoutaanslag die de bezoeker aan het eind van de dag in Vlissingen op de lippen proeft is het onmiskenbare bewijs van het maritieme karakter van Vlissingen.

Proef het zelf! Vlissingen is een stad met vele verschillende mogelijkheden.

 

Wandelen en flaneren aan de boulevard, luisteren naar het windorgel of een bezoek aan het Arsenaal, een interactief scheepvaart museum.

Maar ook vele winkels, een ultra-moderne bioscoop en een gezellig uitgaansleven.

 

Breskens:

Breskens is een stad waar het echte leven op het water nog zichtbaar is.

Je ligt met het schip in de vissershaven, midden in leven.

Verder bezit de stad genoeg mogelijkheden om uit te gaan en plezier te maken zoals een poolcentrum.

 

Terneuzen:

De gemeente Terneuzen ligt in het midden van Zeeuws-Vlaanderen en omzoomt het industriële Kanaal van Gent naar Terneuzen.

Terneuzen is vooral een werkstad.

 

Een attractie is het mosseldorp Philippine.

In de negentiende eeuw ontwikkelde

Philippine zich toch een bloeiende plaats van vissers en mosselkwekers.

Door verregaande verzanding van de Braakman moest in 1900 een kanaal worden gegraven om Philippine toch een verbinding te laten behouden met de zee.

Maar Philippine verloor zijn belangrijke positie meer en meer aan het groeiende Terneuzen dat direct aan de Schelde was gelegen.

 

In 1952 kwam de doodsteek voor de mosselkwekers door het afsluiten van de Braakman.

De afsluiting van de Braakman net voor de watersnoodramp van 1953 heeft het achterland van Zeeuws-Vlaanderen overigens behoed voor een overstroming.

Philippine werd een dorp voor forenzen; alle vestingwerken zijn gesloopt om plaats te maken voor nieuwe woonwijken.

Maar wat bleef is de faam van de mosselrestaurants.

In het mosselseizoen (augustus-april) komen zelfs bussen met toeristen naar het plaatsje Philippine om te genieten van een mosselmaaltijd in één van de vele mosselrestaurants.

 

Antwerpen:

Stad van Rubens en van barok.

Scheldestad waar diamantairs bloeiende handel bedrijven.

Het stadhuis is blikvanger op de Grote Markt. Het Rubenshuis in de Wapper is zijn originele Vlaamse renaissance woonhuis en Italiaanse barokke atelier.

De Vlaeykensgang is het kleinste straatje van Antwerpen, daterend uit de 16e eeuw. Onze-Lieve-Vrouwekathedraal is met haar 123 meter vooral imposant.

 

Winkelen kunt u in Antwerpen uitstekend in de Meir of de Leopoldstraat.

En een avondje stappen langs de talloze drinklokalen met hun befaamde bieren, staat borg voor gezelligheid.

Op de Keyserlei zijn de terrasjes goed bevolkt door de ‘sinjoren’ (zoals de Antwerpenaren uit het centrum worden genoemd) die er een gewoonte van maken om de voorbijgangers gade te slaan.

 

Mengt u zich eens onder hen en volg hun gewoonte.

U zult ontdekken dat het uw blik op Antwerpen compleet maakt.

De Schelde is de belangrijkste waterweg naar Antwerpen, afgezien van het Schelde - Rijn kanaal. Een fascinerend stukje vaarwater voor beroeps- en pleziervaart, met getijden en dus ook stroming, een meanderend verloop en een uitzonderlijke biotoop.

De Zee stuwt het zoute water twee maal daags de rivier in.

Van hoger gelegen gebieden komt het zoete water van o.m. de Nete, de Rupel en de Dender samen met de rivier die in St.-Quitin, in Frankrijk begint.

Zout en zoet, heen en weer lopende stroom. Het verplaatst tonnen aarde en zand.

Over een verloop van ongeveer 60 kilometer van aan de Noordzee staat er tussen de vier (monding) en de vijf meter (Antwerpen) verval.

 

De Schelde is tegelijk een fascinerende getijdestroom met bijzondere flora en fauna maar tegelijk een belangrijke verkeersader voor een brede scala aan vracht- en steeds meer passagiersvaart. Supertankers, containerschepen en mega- cruiseschepen tot lichters en aken, verkeer uit alle windrichtingen.